Problemen binnen mijn familie

Hallo, Beste lezer,
Als je jonger bent dan 18 jaar, dan raad ik je af om deze pagina te lezen.
Deze pagina gaat over de situatie waarin ik zat, en de manier waarop ik me staande probeerde te houden.
Mijn website heeft een korte inleiding die beschrijft waar deze website over gaat.

Van 2012 tot 2016 heb ik aan deze pagina geschreven. Het is erg lang, slecht ingedeeld en sommige dingen worden herhaald. Sorry daarvoor. Het lukt me nog niet om het beter in te delen en het gemakkelijker leesbaar te maken.

Samenvatting.

Iemand in mijn familie heeft een ziekte (waarschijnlijk een hormoon-ziekte) waardoor diegene zeer onredelijk tegen mij doet. Ik wordt regelmatig belachelijk gemaakt, vals beschuldigd, en op een rare manier tegengesproken. Het is onmogelijk om er iets van te zeggen, want dan wordt het nog erger.
Bij mij is het zo, dat als de mechanische druk op mijn nek toeneemt, dan maakt het mij op een bepaald moment niet meer uit of ik leef of niet. Door deze familieproblemen kon ik mij niet goed meer ontspannen en namen mijn klachten toe.
In 2011 kon ik er niet meer tegen, en ben ik voorzichtig begonnen om er toch iets van te zeggen tegen mijn familielid. Daardoor namen de problemen alleen maar toe. Ik had dus hulp van iemand anders nodig, maar het was erg lastig iemand te vinden die voor mij wilde opkomen.

Omdat ik jarenlang in een vervelende situatie zat, heb ik aan vrijwel alles gedacht heb, waar een mens aan zou kunnen denken.

Inleiding.

Mijn website is helemaal niet bedoeld voor dit soort dingen. Dat ik nu toch mijn familieproblemen beschrijf, is omdat die problemen grote gevolgen hebben voor mijn leven en voor deze website. Daarbij probeer ik zorgvuldig en uitgebreid te zijn.

Sinds ik chronische gezondheidsproblemen heb, wordt ik vaak minderwaardig behandeld.
Een voorbeeld is bij de tandarts:
Ik had zelf met een speld gekeken waar een gaatje zat, en ik vertelde de tandarts dat het daar zat. De tandarts zegt van drie meter afstand dat het daar niet zit, en gaat 2 of 3 keer de vulling vervangen. Maar de vulling was het probleem niet.
Een andere tandarts, tandarts D19. voerde nepbehandelingen (placebo behandelingen) bij mij uit.
Die tandarts weet van mijn problemen met dokters, maar ging zich dus net zo gedragen.
Als ik vroeg om ergens naar te kijken, dan deed hij dat niet. Vervolgens zat er niets anders op dan maar af te wachten wanneer het zou gaan ontsteken. Ik maakte zelfs een schets waar het probleem zat, maar dat hielp ook niet.
Ik kreeg dus steeds vaker onstekingen en ik dacht dat hij dan wel door zou krijgen dat ik serieus was. Maar des te vaker ik ontstekingen had, des te minder hij mij serieus nam. Ik had daardoor twee keer een antibioticakuur nodig. Op een bepaald moment moest ik 10 keer in een jaar tijd naar de tandarts, en alle 10 keer had eenvoudig voorkomen kunnen worden. Uiteindelijk raakte ik op die manier twee kiezen onnodig kwijt.
Een ander voorbeeld is mijn contact met de huisartsen.
Dat soort dingen zijn meer regel dan uitzondering. Ik zou daar pagina's vol mee kunnen schrijven.

Dat ik niet altijd als volwaardig wordt aangezien is misschien ook niet zo vreemd. Als ik de gelegenheid heb om iets uit te leggen dan is het meestal snel opgelost.
Ik vind het zelf ook niet zo erg. Iemand die mijn uitkering betaald, mag gerust kritisch zijn.
Maar soms loopt het verkeerd. Ik hoor wel eens van andere mensen met een chronische ziekte die soms van het ene in het andere probleem terecht komen, juist omdat ze een chronische ziekte hebben.
Helaas is dat ook bij mij zo.

Vroeger wist ik niet dat zulke dingen bestonden, maar vanaf het moment dat ik niet meer mijn werk kon doen in 1992, kreeg ik meteen met mensen te maken die mij benadeelden.


Hoe het begon.

In 1997 kon ik mijn werk niet meer doen, en ik had hulp nodig om mijn huishouden te doen. Omdat mijn moeder een groot huis had, en een grote garage/schuur (met ruimte om daar in eventueel een appartement te maken), ben ik bij mijn moeder gaan wonen in mijn geboortedorp.

Een familielid van mij woonde ook in mijn geboortedorp, en diegene zag ik daardoor een paar keer per week.
Dat familielid heeft een hormoonziekte die erg veel invloed kan hebben op hoe iemand zich voelt en hoe iemand zich gedraagt. Dat kan zoveel invloed hebben dat iemands gedrag op een psychiatrische stoornis gaat lijken.

Zo rond 1998 was mijn familielid vaak gespannen, en lette scherp op mij. Als ik bijvoorbeeld van de rugpijn iets anders op een stoel ging zitten, of als ik probeerde wat dieper adem te halen (dat was voor mij moeilijk vanwege de druk op mijn nek), dan lette mijn familielid daar op.
Vervolgens ging mijn familielid mij tegengespreken en belachelijk maken zodra ik iets over mijn gezondheid zei. Dat gedrag was erg consequent, zonder dat mijn familielid ooit leek te begrijpen wat daar verkeerd aan was.

Het tempo waarin dat gebeurde nam toe, en steeds vaker werd ik ook met allerlei dagelijkse dingen op overdreven wijze tegengesproken of belachelijk gemaakt of ik zou het niet goed doen.
Het was zelfs zo, dat als mijn gezondheid slechter was (en dat ook aan mij te merken was) dat ik des te meer belachelijk werd gemaakt.
Dat ik op deze website mijn complete eigen dossier openbaar maak, is voor een belangrijk deel ontstaan door de reactie van mijn familielid. Als ik iets vertelde over mijn belevenissen met dokters dan werd ik ook vaak tegengesproken. In 1998 dacht ik daarom op een bepaald moment: "Dan mag iedereen alles weten ook".
Daarom vind ik het niet erg om mijn (heel persoonlijke) gegevens openbaar te maken.
Als bij mij de mechanische druk op mijn nek oploopt, dan maakt het mij op een bepaald moment niet meer uit of ik leef of niet. Daardoor vatte ik het gedrag van mijn familielid op dat diegene bezig was om mij dood te treiteren.
Toen ik er na ongeveer anderhalf jaar niet meer tegen kon, was ik ten einde raad en heb ik dingen gezegd zoals: "ik wil je niet meer zien".
Daarna is het nooit meer goed gekomen.

Omdat ik er toen niet meer tegen kon heeft mijn familielid dat opgevat alsof ik mijn familielid iets erg zou hebben aangedaan. Daar kwam ik pas jaren later achter toen mijn familielid mijn beschuldigde dat ik (samen met anderen) mijn familielid voor het leven psychisch had beschadigd.
Dat zit mij natuurlijk dwars, omdat ik ten einde raad was, en omdat ik voor zover ik weet geen leugens heb gebruikt en geen valse beschuldigingen.
De gedachten van mijn familielid daarover speelden daarna blijkbaar bij alles een rol. Als ik iets over persoonlijke dingen zei dan kreeg ik vaak een verontwaardigde reactie of werd het op overdreven manier tegengesproken of kon mijn familielid amper nog praten door emoties.
Als ik iets zei over algemene dagelijkse dingen, dan ging dat regelmatig goed, maar er was ook een periode van 3 jaar waarin het vrijwel aan een stuk door niet goed ging.
Als er iemand anders bij was, dan ging het eigenlijk altijd wel goed.

Hoe het jarenlang doorging.

In de omgang met mijn familielid was het belangrijk om mijn familielid niet tegen te spreken en niet op het gedrag aan te spreken, want dat maakte het nog veel erger. Het was zelfs zo dat als iemand iets tegen mijn familielid zei wat mijn familielid als kritiek opvatte, dat mijn familielid dan ging denken dat wat gezegd werd juist mijn familielid zelf werd aangedaan. Op die manier werd door mijn familielid veel omgedraaid.

Maar ook als mijn familielid niet werd tegengesproken, dan ging het nog mis. Mijn familielid verzon dingen die anderen (vooral ik) gezegd zouden hebben om mijn familielid te kwetsen. Maar zulke dingen had mijn familielid zelf verzonnen.

Mijn familielid is zich van geen kwaad bewust en is er van overtuigd het beste met mij voor te hebben.
Dat is op sommige punten ook zo. Als ik bijvoorbeeld iets voor m'n gezondheid aan het maken ben, dan heb ik vaak verschillende materialen nodig om uit te proberen. Mijn familielid hielp mij om aan die materialen te komen.

In 2008 nam mijn gezondheid af, mede doordat ik niet meer 's nachts op mijn schuine bed kon liggen.
Daarom probeerde ik in 2008 nog een dokter en ging naar neuroloog H18., maar dat was een enorme teleurstelling.
Daardoor kon ik het gedrag van mijn familielid steeds slechter verdragen, en ook werden de valse beschuldigen erger.
Door er zo'n tien jaar niets van te zeggen, zit dus in het geheugen van mijn familielid dat ik al die tijd hele erge beschuldigingen heb uitgesproken. Dat mijn familielid dat zelf heeft verzonnen, lijkt na tien jaar onmogelijk om nog duidelijk te maken.

Het zijn niet alleen de beschuldigingen op zichzelf die het erg maken. Wat het erg maakt, is dat het jarenlang voortduurt zonder dat er zicht op is dat het ooit iets beter gaat worden. Het lijkt onmogelijk om er iets aan te doen, en er soms dag en nacht over piekeren hoe dit op te lossen, maakte dat ik regelmatig wanhopig was.

Mijn familielid heeft een goed geheugen (misschien beter dan mijn geheugen), maar was blijkbaar in staat om hele stukken te vergeten. Dat waren bijvoorbeeld onterechte beschuldigingen en onlogische redenaties die mijn familielid zelf had gezegd.

Om met mijn familielid om te gaan, heb ik mijn emoties zoveel uitgeschakeld. Dat is vanzelfsprekend niet gezond, en na 10 jaar begon me dat dan ook op te breken.
Tot 2011 heb ik vrijwel alle beschuldigingen over mij heen laten gaan. Het was tenslotte een naast familielid van mij, en ik weet ook nog hoe mijn familielid vroeger was, en misschien was het een ziekte waar mijn familielid niets aan kon doen.
Maar vanaf 2011 kon ik het niet meer verdragen, en ben ik voorzichtig dingen gaan zeggen. Daarmee zou het alleen maar erger worden, maar ik had geen keus meer.
Mijn familielid heeft een partner en een gezin, en kan ook een hele dag bezig kan zijn. En mijn familielid gaat juist mij zo treiteren. Het getreiter is er zelfs mee begonnen omdat ik gezondheidsproblemen heb.
Ik ben vervolgens mijn familielid gaan ontwijken.
Dat deed ik om te overleven, maar mijn familielid zag dat als iets dat ik mijn familielid aandeed. Dus ook dat maakte het weer erger.
Ik hoopte dat mijn familielid zich geen nieuwe dingen zou gaan inbeelden, als mijn familielid mij niet zou zien. Maar dat gebeurde vanaf 2013 toch.
In 2014 ging mijn familielid zich ook dingen inbeelden bij situaties die niet direct maar slecht zijdelings met mij te maken hadden.

Voorbeeld:
In november 2013 was mijn moeder van 84 een paar dagen in het ziekenhuis opgenomen, vanwege een versleten rug. Toen mijn moeder thuis kwam had mijn moeder toch nog de neiging om ver te reiken en ver voorover te bukken. Als ik dat zag, dan probeerde ik steeds tegen mijn moeder te zeggen dat ze dat beter niet kon doen.
Tegen mijn familielid vertelde ik dat mijn moeder de neiging heeft om ver voorover te bukken en ik zei tegen mijn familielid: "of je er een beetje op wil letten dat ze dat niet doet".
Mijn familielid hoort dan niet wat ik zeg, maar iets dat heel boos en dwingend is. Op dat moment kon mijn familielid door de emoties nauwelijk nog praten en bewegen.
Vanzelfsprekend zei ik dat met goede bedoelingen, maar het resultaat is dat mijn familielid tegen anderen vertelt dat ik heel boosaardig en dwingend zou zijn.

Het probleem proberen te verminderen, maakte het erger.

In 2011 heb mijn andere familieleden gevraagd om er bij te zijn, om mijn familielid voorzichtig duidelijk te maken dat er iets aan de hand is. Wat ik echter zorgvuldig had voorbereid en voorzichtig probeerde te zeggen, werd door mijn familielid binnen een paar seconden ongedaan gemaakt door het niet serieus te nemen en er een andere draai aan te geven.
Achteraf werd het voor mij werd erger, want veel dingen die mijn familielid toen had gezegd waren niet waar. Daardoor kon ik het vanaf dat moment niet meer opbrengen om in de leugens van mijn familielid te trappen.

Een jaar later was mijn familielid bezig om iemand anders uit mijn familie het leven onmogelijk te maken. Ik weet niet of het er mee te maken heeft dat ik mijn andere familieleden had gevraagd om erbij te zijn, maar dat is goed mogelijk.
Die ander heeft het contact met mij bijna helemaal moeten verbreken, om te voorkomen dat zoiets weer zou gebeuren.

Ik heb gesproken met iemand van de patientenvereniging (de patientenvereniging die bij die hormoonziekte hoort), en ook met anderen die daar verstand van hebben.
Bij de patientenvereniging konden ze amper geloven dat het gedrag van dat familielid zo erg is. Degene die ik sprak dacht dat er misschien nog meer aan de hand zou kunnen zijn.
Als ik echter met anderen spreek, dan zou het misschien toch mogelijk zijn dat het extreme gedrag van mijn familielid wel te verklaren is met die hormoonziekte.
Ik weet dus niet zeker of het de hormoonziekte de oorzaak van het gedrag van mijn familielid is, maar des te meer informatie ik lees en contact met andereen daarover heb, des te meer dat wel zo lijkt te zijn. Vooral op engelstalige websites is te lezen over dingen die mijn familielid heeft, zoals bijvoorbeeld de onredelijke boosheid, en iets anders horen dan wat ik zeg.
Ik hoorde later dat mijn familielid gezegd zou hebben, dat volgens de specialist de hormoonwaarden goed zouden zijn.
Maar of dat waar is, en of die specialist deskundig genoeg is, en of goede hormoonwaarden dan zulk gedrag niet zou kunnen veroorzaken, dat is allemaal niet bekend.

Doordat ik het niet meer aan kon, werd ik steeds depressiever. Ik zocht daarom hulp. Ik heb bijvoorbeeld advies gevraagd bij een hulpverlener die mijn familielid van vroeger nog kent (als een van zijn studenten), en ik heb een keer of vier met een psycholoog gesproken, en vier keer met een tweede psycholoog, en ik heb een keer gebeld met sensoor.nl
Die psychologen hadden het beste met mij voor en probeerden mij helpen door mij bijvoorbeeld wat meer op positieve dingen te laten richten. Maar uiteindelijk zat ik nog in dezelfde situatie met mijn chronische nekklachten en de situatie met mijn familielid.
Er zijn dokters en andere psychologen die steeds bezig zijn om te liegen, om dingen te verdraaien en verkeerd op mij in te praten. Het verschil tussen zulke mensen en die twee psychologen is dan ook zeer groot.
Ik besteed soms veel tekst aan mensen die een slechte invloed hebben, en ik noem deze psychologen maar summier. Misschien is dat onterecht. Dus wil ik nog een keer benadrukken dat deze twee psychologen hun kennis en ervaring inzetten om iets goeds voor een medemens te doen.

Toen ik een keer een huisarts zag in 2014, heb ik dit aan de huisarts voorgelegd. Terwijl mijn ervaringen met de huisartsen niet zo goed zijn (zie de huisartsen in mijn woonplaats). De huisarts dacht aan een maatschappelijk werker. Ik heb daar mijn twijfels over, want ik zou niet weten wat die maatschappelijk werker nog zou kunnen toevoegen aan die anderen waar mee gesproken is. En dat zou ik aan mijn familielid moeten vragen of mijn familielid met weer iemand anders gesprekken zou willen voeren. Zo langzamerhand zie ik het niet meer zitten om dat aan mijn familielid te vragen.

dominees
dominee X12.
Mijn ervaring met deze dominee heb ik op een aparte bladzijde gezet: Dominee X12.

dominee 2
Ik heb ook nog een keer gesproken met dominee 2.
Deze dominee leek de indruk te wekken dat hij deze situatie zo wilde laten. Het leek er op dat deze dominee het standpunt had ingenomen, om niet te proberen de situatie te veranderen. Dat betekend dat het gedrag van mijn familielid door de jaren heen steeds extremer wordt en dat mijn gezondheid (van nek- en rugproblemen) verslechterd.
Deze dominee is mogelijk de enige persoon ter wereld die een soort vertrouwenspersoon van mijn familielid zou kunnen zijn.
Het is vanzelfsprekend niet verwonderlijk dat hij zich niet in deze situatie wilde mengen, en dat is zijn goed recht. Wat ik hem echter vooral kwalijk neem, is dat hij op mij in ging praten om niet te proberen de situatie te verbeteren.

Deze dominee schaart zich daarmee bij wel heel slecht gezelschap.
Ik maak regelmatig mee, dat als ik iets opper om mijn situatie te verbeteren, dat sommige mensen dan meteen op mij gaan inpraten dat het geen goed idee is.
Dergelijke mensen hebben vaak een zeer slechte invloed op mijn leven, en die mensen beïnvloeden daarmee soms ook anderen in mijn omgeving. Deze mensen zouden het verschil kunnen maken om mijn situatie te verbeteren, maar ze zijn zo verkeerd bezig, dat ze mij bijna automatisch tegen gaan werken. Het leed dat ze daarmee veroorzaken is bijna niet te overzien.
Dit overkomt niet alleen mij. Vrijwel iedereen die langdurig in een vervelende situatie zit, krijgt met zulke mensen te maken.
Deze dominee ging op mij inpraten dat mijn ideëen niet goed waren, en soms schudde hij "nee". Daarmee schaart hij zich bij zulke mensen.

Achteraf dacht ik dat ik tijdens dat ene gesprek regelmatig had moeten vragen: "wat bedoelt u daarmee", en "waarom zegt u dat", want het leek alsof deze dominee vooral uit bepaalde gedachten en vooroordelen conclusies trok. Op het moment van het gesprek was ik echter te emotioneel om zelf nog te kunnen nadenken over wat hij zei.
Op mij maakte deze dominee de indruk alsof hij wilde zeggen dat ik beter een einde aan mijn leven kon maken, zodat andere mensen die wel functioneren in de maatschappij gewoon met hun leven door kunnen gaan. Op die manier heeft die dominee het zeker niet bedoeld, maar wat anders zou hij willen bereiken met op mij in te praten dat ik beter niet zou kunnen proberen om de situatie te verbeteren ?
Er bestaat een goede kans dat het gedrag van mijn familielid met de hormoonziekte te maken heeft en dat daar medicijnen voor bestaan. Een gevolg van de opstelling van deze dominee is dat met die mogelijkheid niets wordt gedaan.
Ik neem aan dat als deze dominee zelf medicijnen nodig heeft, dat hij het niet leuk zou vinden als iemand probeert tegen te werken dat hij die zou krijgen.
Ik neem ook aan dat als deze dominee jarig is dat hij dat viert samen met zijn familie. Ik neem ook aan dat als er iemand in zijn familie jarig is, dat hij gewoon een kadootje kan geven. Maar het lijkt alsof hij dat soort dingen mij niet gunt. Als ik dat zou vragen zou hij natuurlijk zeggen dat hij dat mij wel gunt, maar zijn gedrag is er niet naar.
Deze dominee noemde een paar redenen waarom hij sommige standpunten innam. Maar die redenen vind ik niet serieus.

Deze dominee heeft in 1998 of in 1999 ZiekenZalving bij mij bediend.
Dat was naar aanleiding van mijn problemen met huisarts X9..
Ik hou niet van overdreven gedoe, en ik hou er niet van als iets op overdreven manier wat meer "heilig" geprobeerd wordt te maken. Maar gelukkig voor mij deed deze dominee dat op een mooie maar ook op een heel nuchtere manier.
ZiekenZalving is God's Zegen vragen en ook iemands ziekte als het ware aan God overgeven. Het is vergelijkbaar met een Doop of een Huwelijksinzegening.

Mijn familie heeft in het verleden veel geld aan de kerk van deze dominee gegeven, waarvan een groot deel naar deze dominee ging als salaris. Waarschijnlijk heeft mijn familie op die manier tienduizenden euros aan deze dominee gegeven. Deze dominee heeft daar nu nog steeds profijt van, omdat hij van dat geld nu pensioen heeft.
Het is misschien niet terecht om er zo tegen aan te kijken, maar waarom ook niet ? Ik heb een WAO-uitkering, en iedereen die mijn WAO-uitkering betaald, mag mij vragen wat ik met dat geld doe.

In het verleden heeft deze dominee mij gewezen op neuroloog P6.
De dominee had vernomen dat neuroloog P6. een goede neuroloog zou zijn voor nekklachten. Ik ben dan ook op zijn aanraden in 1995 naar neuroloog P6. geweest, maar neurloog P6. schreef een rapport waarmee hij doelbewust probeerde om mij schade te berokkenen.
Ik weet niet of ik ooit het resultaat verteld heb aan deze dominee, en eigenlijk is het mijn taak om aan deze dominee uit te leggen dat als iemand in steeds meer problemen terecht komt, dat er dan ook steeds meer mensen zijn die diegene nog verder in de problemen proberen te brengen.

Ik heb zelfs contact gezocht met iemand uit de familie van deze dominee. Dat leverde op dat deze dominee tijd voor mij had vrijgemaakt voor een gesprek. Hij stuurde mij een email om te vragen of dat kon. Dat gesprek ging niet door, omdat de dominee geen reactie van mij kreeg, doordat ik die email niet ontvangen had. Ik heb goed gekeken bij de spam en zo, maar volgens mij heb ik die email echt niet ontvangen. Vervolgens zegde deze dominee in januari 2014 toe om een keer een afpraak met mij te maken, maar vervolgens hoorde ik niets meer.
Misschien is het mijn taak om te proberen om deze dominee met beide benen op de grond te houden en te voorkomen dat hij te ver wegzweeft.
met beide benen op de grond
Ik heb echter geen zin om deze dominee uit te leggen wat er in de Bijbel staat en waar het christelijk geloof voor staat. Dat mag iemand anders doen.

Vanzelfsprekend schrijf ik dit allemaal niet op naar aanleiding van één gesprek. Toen deze dominee echter tegen een ander ging vertellen over pastorale zorg voor mij, toen begon het te gaan lijken op zo'n vier verhalen uit de Bijbel (maar dan net andersom). Vervolgens heb ik nog een jaar gewacht nadat deze dominee toezegde om een keer een afspraak met mij te maken. Pas daarna heb ik dit allemaal opgeschreven en heb ik de tekening gemaakt.

Deze dominee heeft met zijn preken misschien wel tienduizenden mensen geïnspireerd. Hij heeft ook veel mensen bemoedigd met troostende woorden. Daartegenover heb ik met mijn geloof misschien twee of drie mensen geïnspireerd, en misschien wel helemaal niemand. Dus ik weet mijn plek, en het was ook helemaal niet mijn bedoeling om zijn naam op mijn website te gaan noemen. Maar naarmate mijn situatie steeds meer uitzichtlozer wordt en de sitatie steeds langer voortduurt, des te meer ben ik geneigd om zijn naam wel te gaan noemen.


Met die gesprekken was het erg frustrerend om iedere keer opnieuw uit te leggen hoe extreem het gedrag van dat familielid is. Er was nauwelijks iemand die geloofde wat ik erover vertelde. Sommigen probeerden zelfs om mij "helpen" door te proberen mij aan te praten dat ik er vast ook schuld aan had.
Doordat het lastig is om mijn nekproblemen uit te leggen, maakte dat het nog eens extra lastig om mijn situatie te schetsen. Ik kan bijvoorbeeld niet zomaar overal naar toe voor hulp voor mezelf. Ook als ik vertelde over mijn problemen met de huisartsen, dan is dat voor de meeste mensen nauwelijks te geloven.
De gesprekken waren daardoor soms erg onprettig, en ik kreeg soms een flinke hoeveelheid onterechte beschuldigingen over me heen.
Een aantal mensen ging erg krampachtig proberen om mij te kunnen beschuldigen.

Als ik vooraf had geweten hoeveel beschuldigingen ik over me heen zou krijgen, dan had ik ze opgeschreven om ze op deze bladzijde te zetten.

Dat doet me denken aan 1992 toen ik nog niet wist wat de oorzaak van mijn gezondheidsklachten was. Er werd toen massaal verkeerd op me ingepraat door huisarts, vrienden en familie. Pas toen duidelijk werd dat mijn nekproblemen de oorzaak zou kunnen zijn, heb ik met de patientenvereniging gebeld (op advies van een tante van mij). Toen kon ik er eindelijk met anderen over praten, en kreeg ik eindelijk goede tips en adviezen.

Soms heb ik dingen tegen mijn familielid gezegd om te proberen tot mijn familielid door te dringen. Soms was dat een uiterste poging om iets proberen duidelijk te maken omdat ik ten einde raad was. Dat had ik echter beter niet kunnen doen, want dat pakte altijd verkeerd uit.
Mijn familielid weet zelf dat mijn familielid die hormoonziekte heeft, en dat iemands gedrag op een psychiatrische stoornis kan gaan lijken zonder dat diegene dat zelf beseft.
Omdat de patiëntenvereniging nauwelijks kon geloven dat het zo erg was, heb ik een keer tegen mijn familielid gezegd dat wat bedreft de gevolgen van de hormoonziekte mijn familielid tot de ergste van Nederland hoort.
Mijn familielid dacht daarna dat ik gezegd zou hebben dat mijn familielid de ergste van Nederland was en later dacht mijn familielid dat ik had gezegd dat mijn familielid de slechtste van Nederland zou zijn. Nog later dacht mijn familielid dat ik mijn familielid had gedwongen om te zeggen dat familielid de slechtste van Nederland zou zijn.

Bij een gesprek heb ik tegen mijn familielid dingen gezegd zoals: "al 13 jaar zoveel ellende", "als ik aan jou denk, dan kan ik aan bijna niets ander meer denken dan dat ik niet meer wil leven", en "hoe je doet, is iemand bij wie de hormonen niet goed gaat".
Ik was niet van plan zulke dingen te zeggen, maar ik had zoiets al een keer eerder gezegd, en ik vind ook dat iemand dat duidelijk aan mijn familielid zou moeten maken.
Daardoor voelde mijn familielid zich enorm aangevallen, dus dat maakte het er niet beter op.

In het hoofd van mijn familielid kan niet zo zijn dat mijn familielid iets verkeerds zou doen. Dus als ik zeg: "al 13 jaar zoveel ellende", dan wordt dat in het hoofd van mijn familielid naar iets anders omgebouwd. Vanaf een bepaald moment was mijn familielid er stellig van overtuigd dat ik 13 jaar lang mijn familielid stelselmatig gezegd zou hebben dat mijn familielid fout zou zijn, en daarmee mijn familielid emotioneel beschadigd zou hebben.
Van degenen waar ik hulp aan vroeg in mijn omgeving, was er volgens mij niemand die kon geloven dat het op deze manier gaat. Dat is misschien de reden dat sommigen zich tegen mij keerden.

Door deze dingen kon ik (al vanaf 2008) niet goed meer met mijn klachten om gaan. Daardoor nam de spierspanning in mijn nek toe. In 2012 kon ik steeds minder. Van alle goede bedoelingen en alle goede ideëen kwam maar weinig meer terecht.

Ik kan zelf dus niets bereiken, want wat ik tegen mijn familielid zeg, dat wordt verkeerd opgevat. Dus had ik iemand nodig die voor mij opkomt.
Het was echter erg moeilijk om iemand te vinden die een poging waagde om tegen mijn familielid te zeggen dat er echt iets aan de hand is.
Mijn familielid heeft het dus voor elkaar gekregen dat er al 14 jaar nooit serieus over gesproken kan worden.

voorganger
In januari 2013 waren er drie mensen die iets wilden doen: een van de psychologen die ik heb gesproken wilde mediation doen, een voorganger wilde naar ons toe komen voor gesprekken, en iemand die deze bladzijde had gelezen bood zich aan om te helpen.
Deze mogelijkheden heb ik aan mijn familielid voorgelegd, en we hebben besloten om de voorganger te vragen. Ik zou dan opnieuw moeten gaan uitleggen hoe uitzichtloos mijn situatie is en hoe extreem het gedrag van dat familielid is. Dat is op zich al zeer vervelend.
Het gesprek met mijn familielid waarin ik die mogelijkheden heb voorgelegd, werd een enorm drama. De situatie lijkt daarmee nog meer hopeloos.

De voorganger is iemand die zich belangeloos voor medemensen inzet. Dat is al heel bijzonder. De voorganger is ook iemand die niet zomaar opgeeft als het onmogelijk lijkt om de situatie te verbeteren. Zulke mensen zijn al helemaal erg zeldzaam.
De voorganger was een paar jaar daarvoor iemand in mijn familie tot grote steun toen diegene uit mijn familie niet lang meer te leven had. Dus de voorganger verdient heel veel lof en alle Zegen.
Maar na meerdere gesprekken gedurende 9 maanden werden de gesprekken met de voorganger steeds vervelender. De voorganger verzette zich er tegen om het als een medisch probleem te zien, en was niet in staat om met mij te overleggen wat de mogelijkheden waren en wat goed was om te doen. De voorganger wilde ook niet met de patientenvereniging van die hormoonziekte bellen, want de voorganger wilde er onbevangen in staan.
De voorganger zei onder andere dat om de situatie te verbeteren, dat ik zou moeten veranderen. Ik zou mijn familielid moeten respecteren zoals mijn familielid is. Ik vertelde daarop voor de zoveelste keer dat ik tien jaar lang de beschuldigingen over me heb laten gaan, maar dat ik er in 2011 niet meer tegen kon, en vanaf dat moment naar een oplossing zoek (die misschien mogelijk is omdat het misschien met de hormoonziekte van mijn familielid te maken heeft).
Op zich is het zo ik mijn familielid als mens moet accepteren. En dat kan ik ook. Het gaat tenslotte om mijn eigen familielid. Maar de voorganger verzet zich er tegen om eens de patientenvereniging van die hormoonziekte te bellen, en tegelijkertijd zegt de voorganger tegen mij dat ik moet veranderen. Dat lijkt me niet juist.
Als de voorganger bedoelt dat ik moet toekijken hoe mijn eigen familielid afglijdt naar krankzinnigheid en dat ik daar niets aan zou mogen doen, dan vind ik dat een duivels voorstel en zal daar nooit mee akkoord gaan.
Een andere keer zei de voorganger tegen mij dat ik moet veranderen en dat ik bij mezelf moet nagaan wat dat is. Dat vind ik zeer kwalijke en schadelijke opmerkingen. Gelukkig herken ik dit soort dingen, zodat ik er niet over na ga denken. Voor mij persoonlijk ben ik zelfs van mening dat ik zou zondigen als ik daarover na zou gaan denken, omdat het beter is om me niet in te laten met iets dat slecht is.
Hoe de voorganger tegen mij deed zou ik eigenlijk eens op moeten schrijven, omdat het een schoolvoorbeeld is van hoe het niet moet.
De voorganger probeerde mij slechte dingen aan te wrijven. Mensen die dat doen, daar heb ik liever niet mee te maken. Ik vraag me af of die voorganger dat bij iedereen doet, of dat ik een speciale behandeling krijg.
De gesprekken met de voorganger hebben mij alleen maar leed gebracht, en niets positiefs.

Twee jaar later noemt deze voorganger zichzelf een "medium" en vindt van zichzelf dat zij een gave heeft om anderen op een zuivere manier te helen.
Daar ben ik het vanzelfsprekend niet mee eens.


Bij de patientenvereniging is het heel normaal om over medicatie te praten. Het zoeken naar een goede hoeveelheid en verhouding is erg belangrijk bij die hormoonziekte, want het kan grote gevolgen hebben als het niet goed gaat.
In mijn omgeving was er in september 2014 na twee en een half jaar zoeken echter nog steeds niemand te vinden die mij op dat punt wilde steunen of voor mij op wilde komen. Ik kreeg vooral flink wat tegenwerking, en sommigen gingen mij zelfs beschuldigingen, omdat ik het als een medisch probleem zie, waar misschien iets aan te doen is met een kleine aanpassing van medicijnen.

Iemand anders in mijn familie werd door mijn familielid tegen mij opgezet. Die ander kon niet accepteren dat mijn familielid zo ziek was, dat mijn familielid zelf die dingen had verzonnen die mijn familielid over mij vertelde.
Mijn familielid kon namelijk serieus allerlei dingen vertellen die niet waar zijn. Mijn familielid vertelde tegen iemand anders in mijn familie bijvoorbeeld dat ik jarenlang constant mijn familielid had gekwetst op het emotionele vlak. Mijn familielid dacht onder andere dat ik eerst dokters had zwartgemaakt en dat nu concentreerde op mijn familielid.

Ook tegen andere familieleden vertelde mijn familielid leugens over mij. Het gevolg was dat er in mijn naaste familie niemand meer was die het voor mij op wilde of durfde nemen.

Voor mij was het onmogelijk om tot mijn familielid door te dringen, want in het hoofd van mijn familielid hoort mijn familielid soms iets anders dan wat ik zeg. Mijn familielid kan alles wat ik zeg binnen een paar seconden naar iets anders verdraaien.
Van de patientenvereniging kreeg ik alle begrip, maar in mijn omgeving stond ik er alleen voor.


Gevolgen voor mijn leven en website

Mijn website heeft alleen maar zin, als ik er landelijke bekendheid mee krijg.
Ik zou bijvoorbeeld willen vertellen hoe geen enkele keuringsarts zijn of haar werk heeft gedaan, maar dat de keuringsartsen voornamelijk bezig zijn om elkaar na te praten. Daar is mijn website ook voor, om mijn beweringen te onderbouwen.
Het is tenslotte een dossier over een periode van 20 jaar, en als geen enkele keuringsarts mijn gezondheid heeft gekeurd, dan zegt dat wel iets.
Maar ook een paar brieven die ik nog voor mijn dossier en website wilde schrijven, kon ik niet meer opbrengen.

Naast mijn website wil ik ook dingen kunnen doen, zoals bijvoorbeeld dat ik een jaar eerder een papier liet ronddelen in mijn woonplaats over de huisartsen.
Dat soort dingen kan ik alleen maar doen als ik de steun van mijn familie heb, zowel in financieel, materieel en emotioneel opzicht.
Nu dat niet meer zo is, is misschien mijn website voor niets geweest.
Ik probeer om geen dingen te doen waarvan ik denk dat ik er later spijt van krijg. Ik weet vrij zeker dat ik er wel spijt van krijg door niet duidelijk te benoemen en uit te spreken en op te schrijven hoe sommige mensen (zoals sommige dokters) doen. Toch heb ik me vanaf 2016 ingehouden, omdat ik niet meer de steun van mijn familie had.

Ik heb nog geprobeerd om te kijken naar een koop- of huurhuis, maar dat was erg lastig, zowel fiancieel als met mijn gezondheid. Ik ben intussen van veel dingen afhankelijk en heb voor al die dingen vrij veel ruimte nodig.
Doordat mijn klachten toenamen omdat ik mij niet goed meer kon ontspannen, zie ik ook zelfstandig wonen, of zelfs een verhuizing, niet zitten.

In september 2013 kreeg ik meer last van mijn nekklachten. Ik kon het toen al meer dan een jaar niet opbrengen om naar huisarts, tandarts, fysiotherapeut of osteopaat te gaan.
Ik had natuurlijk wel eens een gaatje in een kies, en er brak een stuk tand af. Dat gaatje probeerde ik zelf te vullen, maar na 20 dagen viel mijn vulling er uit. Daarna vulde ik niet het hele gat op, maar legde een laagje in het gat zodat de zenuw in de kies niet meer gevoelig was.
In 2014 bleek dat er een osteopaat op korte afstand een praktijk had, en ik had in 2014 een onsteking bij een kies. Dus in 2014 ben ik een aantal keren naar die osteopaat en een keer naar de tandarts geweest.


Het was (in 2014) al 15 jaar niet gelukt om met mijn familielid serieus over deze problemen te praten, en door de jaren heen verslechterde het gedrag van mijn familielid. Dus op die manier was weinig meer mogelijk.
Ik heb in die 15 jaar nog nooit duidelijk tegen mijn familielid gezegd hoe mijn familielid tegen mij doet en wat dat teweeg brengt. Volgens sommigen zou ik dat misschien kunnen doen, om mijn familielid rechtstreeks te confronteren. Maar ik denk dat diegenen die dat zeggen het extreme gedrag (vooral extreme emoties) van mijn familielid flink onderschatten. Mijn familielid confronteren met de situatie kan alleen maar met liefde en vertrouwen. Dat kon ik echter niet doen, want als ik iets zeg, dan hoort mijn familielid (in zo'n situatie) iets anders dan wat ik zeg.

In april 2014 ging mijn familielid een week op vakantie. Ik hoopte dat ik dan in staat zou zijn om zelf een halskraag te maken. Er bestaan voor mij geen goede halskragen, omdat alle halskragen die te koop zijn, te laag zijn voor mijn nek, en vele halskragen geven ook nog nauwelijks steun. Met een zelfgemaakte halskraag hoopte ik als passagier in de auto naar een paar koophuizen te kunnen gaan kijken.
Het lukte om iets te bedenken. Een rugzak op mijn buik, met de voorkant er af geknipt, zodat alleen de achterkant en hengsels overbleven. Daaraan een staande steun van EVA foam. De bovenkant van de steun verbinden met de voorkant een halskraag, die ik zelf uitknip uit het stevigste polyetherfoam dat ik kon kopen. Op die manier zou ik misschien voldoende steun hebben, en toch zou alles uit zachte materialen bestaan, zodat het nog wat mee beweegt als ik (als passagier) in een auto zit.
Ik wist echter niet hoe ik dat allemaal aan elkaar zou moeten verbinden.

Omdat ik mijn familielid probeerde te ontwijken zag ik mijn familielid in 2014 zelden. Maar toch liepen de gevoelens van mijn familielid over mij nog steeds zo op, dat het menselijkerwijs nauwelijks nog voor mogelijk is te houden.
Die gevoelens van mijn familielid naar mij toe zijn vooral: zich gekwetst voelen, boosheid, maar ook verontwaardiging en minderwaardigheidsgevoelens en wanen en soms zelf walging. Mijn familielid was er sterk van overtuigd dat ik boos en dwingend en kwetsend zou zijn.

In 2013 en 2014 bestond mijn leven vooral er uit om de hele dag te proberen niet aan deze problemen te denken.
Dat deed ik door televisie te kijken terwijl ik op bed lag, en door internetten en computerspelletjes spelen. Bijvoorbeeld het spel World Of Tanks, dat is een trager spel dan de meeste spellen en was daardoor niet heel belastend voor mij nek.
Vanzelfsprekend kon dit ook niet jarenlang zo doorgaan.

2014

huisarts O3.
Op 24 juli 2014 was ik zo ten einde raad dat ik soms geen controle meer over mezelf had. Mijn moeder belde naar de huisartsen en even later kwam huisarts O3. samen met een dokter in opleiding. We zijn in de kamer rond de tafel gaan zitten, en ik vertelde dat het probleem voor de helft kwam door de huisartsen en dat ik 10 jaar lang had geprobeerd om contact met ze te krijgen, en voor de andere helft door mijn familielid.
Ik vertelde huisarts O3. dat ik het contact met hem vervelend geklier vond, en dat ik de huisartsen asociaal vond. De huisarts in opleiding vertelde ik dat ik een papier in mijn woonplaats had laten ronddelen over dokters, en dat mijn website "dossierd" is.
Over mijn familielid vertelde ik dat ik al met veel mensen er over had geproken, en dat ik niet geloofd wordt. Ik vertelde dat verstandige mensen tegen mij zeggen om weg te vluchten, maar verhuizen is voor mij erg lastig vanwege mijn nekklachten en alle aangepaste spullen die ik nodig heb.
In de buurt is een psycholoog gevestigd, en daarover is gesproken. Dat leek Huisarts O3. een mogelijkheid, maar ik zag dat niet zitten omdat ik al met zoveel mensen had gesproken en intussen wordt mijn situatie alleen maar slechter. Hij zou er over nadenken en na het weekend mij er over opbellen.
Dat gebeurde en ik wilde wel met die psycholoog praten, maar ik vertelde erbij dat de kans dat het nadelig voor mij zou zijn groter was dan de kans dat het iets zou opleveren (zoiets heb ik gezegd, de manier waarop en de woorden weet ik niet meer).
Dat werd psycholoog B26..

psycholoog B26.
Met deze psycholoog heb ik afgesproken om er niet op mijn website over te schrijven.

Een terugkerend probleem met de dokters en psychologen was een diagnose. Er is wel een diagnose voor depressie maar er bestaat blijkbaar geen diagnose voor wanhoop.

Met dagen zoals Kerst, Pasen en Pinksteren, dan komt mijn familie bij elkaar en doen alsof ik niet besta. Ik kan daar niet bij zijn, want dan wordt mijn familielid in de dagen daarna boos, en dat kan wekenlang voor ellende zorgen. Als ik achteraf aan mijn moeder vraag of iemand nog iets over mij zei, dan heeft niemand iets over mij gezegd of gevraagd.

In 2014 verslechterde het gedrag van mijn familielid nog verder.
Daarvoor ging het redelijk goed als er anderen bij waren, maar in 2014 ging mijn familielid zich ook dingen inbeelden die ik gezegd zou hebben, als daar anderen bij waren.
Verder ging mijn familielid mijn moeder van 84 beschuldigen. Volgens mijn familielid had mijn moeder mijn familielid jarenlang al vaak moet afwijzen onder dwang van mij.
Dat ene waanidee werd weer een hele obsessie voor mijn familielid.
Mijn moeder is beïnvloedbaar en ging soms na een tijdje denken dat het inderdaad zo was.

Eind 2014 ging mijn familielid zich ook inbeelden dat ik mijn familielid veel bedreigd zou hebben. Mijn familielid vertelde dat ook aan anderen.
Mijn familielid ging zich inbeelden dat mijn familielid anderen mensen die jarenlang gekwetst en bedreigd zijn geweest zou kunnen begrijpen, omdat mijn familielid dacht dat ook meegemaakt te hebben. Op die manier werden de waangedachten steeds verder uitgebreid.
Mijn familielid maakte zich boos als ik iemand een verjaardagskadootje gaf, want in de beleving van mijn familielid zou ik dat doen om iemand te dwingen om "dankjewel" te zeggen.
Mijn familielid maakte zich ook boos als ik iets op internet bestelde.
Mijn familielid ging zich ook inbeelden dat sommige dingen die mijn familielid in het verleden voor mij had gedaan (zoals mij met de auto naar de tandarts rijden), dat onder dwang van mij had moeten doen.
Mijn familielid beeldde zich in dat mijn familielid maandenlang van mij niet in de straat zou mogen komen.
Mijn familielid had soms moeite om mijn naam uit te spreken. Als mijn familielid tegen anderen over mij sprak dan noemde mijn familielid mij bijvoorbeeld: "wat daar boven woont".

2015

Het gedrag van mijn familielid
Mijn familielid raakt er steeds meer van overtuigd een goed geheugen te hebben en alles te onthouden.
Mijn familielid beeld zich in dat mijn familielid in het verleden dingen onder dwang van mij dingen heeft moeten zeggen en dat ik mijn familielid gedwongen zou hebben om te liegen.
Mijn familielid bestookt mijn moeder gemiddeld een keer per week met allerlei leugens over mij.
Het was ergens in 2012 denk ik, dat ik tegen mij familielid had gezegd dat het gedrag van mijn familielid lijkt op iemand met die bepaalde hormoonziekte. Mijn familielid ging zich vervolgens inbeelden dat ik de hormoonmedicijnen zou willen afpakken, en dat mijn familielid dan na drie dagen zou overlijden. Dat kwam in 2015 terug, toen mijn familielid zich opnieuw ging inbeelden dat ik mijn familielid dood zou willen hebben.
Mijn familielid gaat zich inbeelden dat dingen in huis op precies dezelfde plaats zouden moeten staan van mij, en dat die regels steeds zouden veranderen. Daar is niets van waar. Ik zie mijn familielid trouwens zelden, omdat ik mijn familielid probeer te ontwijken.

huisarts S21.
Via electronisch consult stuurde ik een bericht aan huisarts S21..
Ik had erg mijn best gedaan om nette woorden te gebruiken en het goed te omschrijven.
Het antwoordt was heel teleurstellend, en ik weet niet wat ik daar mee aan moet.

dominee 3
In 2015 zocht ik contact met dominee 3.
Dominee 3 geloofde wel wat ik over de situatie vertelde.
Hij dacht dat een gesprek tussen mij en mijn familielid dit niet zou op kunnen lossen en hij wist niet hoe hij op een andere manier mij en mijn familie kon helpen. Hij zei dat ik hem kon opbellen voor een gesprek en voor steun, maar hij zag geen mogelijkheid om iets te ondernemen dat de situatie met mijn familielid zou verbeteren.
Ik vertelde dat ik misschien wilde proberen om iets te doen, om zo een verandering te forceren.
Ik dacht er aan om bijvoorbeeld naar mijn familielid toe te stappen en te zeggen wat er aan de hand is en wat dat met mij doet. Dat heb ik namelijk in de afgelopen 17 jaar niet gedaan.
Het leek hem echter beter, om dat niet te doen, want dat zou de situatie mogelijk erg kunnen verslechteren. Volgens hem zou ik beter de situatie biddend bij God kunnen brengen.

Ik kan weinig anders dan het met hem eens te zijn. Ik denk ook dat een gesprek met mijn familielid niet een eerste stap is, en dat een gesprek niet tot verbetering van de huidige situatie zal leiden.
Een paar jaar eerder zou zoiets waarschijnlijk nog wel mogelijk zijn.

Een paar weken later belde ik nog eens met de patiëntenvereniging van de hormoonziekte. De mevrouw die ik sprak bevestigde wat dominee 3 zei, dat het zeker verkeerd zou zijn om mijn familielid te confronteren met de situatie. Zij vertelde ook dat het in deze situatie beter zou zijn om niet te proberem met elkaar tot een gesprek te komen.

Getallen:
Anderen proberen mij soms krampachtig aan te praten dat ik er zelf ook schuld aan heb. Zij denken dat een oplossing alleen mogelijk is als ik toegeef dat ik ook fout ben. Sommigen gaan proberen om mij uit mijn hoofd te praten dat het misschien te maken heeft met een hormoonziekte. En weer anderen belazeren me ronduit of laten me barsten.
Dominee 3 deed dat allemaal niet. Dus dat haalt het gemiddelde wat omhoog.
Ik heb met zo'n dertien mensen er uitgebreid over gesproken, en inclusief dominee 3 waren er zes die zich niet tegen mij keerden. Dat is dus 6 van de 13 die goed probeerden te doen en de overige 7 zijn blijkbaar erg vervelende mensen.
Van de 6 goede mensen zijn er 4 christen (voor zover ik weet).
Van de 7 vervelende mensen zijn er 6 christen (voor zover ik weet).


Mijn geloof
Ik ben christen, en ik geloof dat Jezus mijn Heiland is.
De afgelopen jaren heb ik echter niets van Gods leiding ervaren, en heb ik geen enkele steun aan mijn geloof gehad.
Veel mensen zeiden tegen mij dat ze voor me zullen bidden, maar mijn situatie verslechterde alleen maar.
Het leek zelfs zo te zijn, dat des te meer mensen zeiden voor mij te bidden, des te sneller de situatie verslechterde.

Een maatschappelijk werkster
Mijn moeder wilde in 2015 zelf eens met iemand praten over deze conflictsituatie in mijn familie. In 2015 sprak mijn moeder een paar keer met een maatschappelijk werkster R14..
Ik heb deze maatschappelijk werkster zelf niet ontmoet.

Een geschikt huis vinden is erg lastig
Met kerst 2014 had ik geen kerstkaarten verstuurd, en ik had in 2015 per email een aantal mensen een mailtje gestuurd met de Beste Wensen. Bij sommige vertelde ik over de vervelende situatie waar ik in zat en schreef erbij dat ik zou proberen om in 2015 te verhuizen.
Daar zou heel wat voor nodig zijn. Om te beginnen zou ik een halskraag moeten maken (of uitvinden) die mijn hoofd ondersteunt, zodat ik naar huizen zou kunnen gaan kijken.

Ik ben iedere dag afhankelijk van mijn aangepaste spullen. Het belangrijkste zijn mijn aangepaste en verlengde bedden. Daar is vrij veel ruimte voor nodig. Ik zou die bij voorkeur in één ruimte willen hebben, bijvoorbeeld in de huiskamer.
Een keuken heb ik niet nodig, een spoelbak om af te wassen en mezelf te scheren, en een magnetron en een enkele kookpit is voldoende.
Verder heb ik ruimte nodig om aanpassingen te kunnen maken. Dat zou zelfs een houten tafel buiten kunnen zijn (plus de nodige bergruimte).

De auto is iets bijzonders. Er staan nu twee aangepaste stoelen voor mij in, die ik voor een deel zelf heb aangepast zodat ze steun geven zoals ik wil. Die stoelen passen niet zomaar in een andere auto. Ik weet ook niet of het me lukt om zelf nog andere stoelen aan te passen.
Voor mij is het niet mogelijk om gebruik te maken van een taxi of bus of om mee te rijden met iemand anders. Die auto is mijn enige vorm van vervoer (naast een stukje lopen).
Die auto is 21 jaar oud, en heeft altijd in een garage gestaan. Voor mij is het dus van groot belang dat die auto zo lang mogelijk mee gaat, en daarom zou eigenlijk een garage nodig zijn.

Omdat ik mij niet kan veroorloven dat mijn gezondheid gestaag achteruit gaat, ben ik afhankelijk van mijn aangepaste spullen. Dat maakt het erg lastig om een goedkoop huis te vinden dat voor mij geschikt is.

Of de verhuizing op zich voor mij mogelijk is, dat is nog maar de vraag. Waarschijnlijk zal ik zonder hulp ook niet mijn huishouden kunnen doen.
Toch zag ik verhuizen als enige uitweg, en ik probeerde daar naar toe te werken.
In 2015 was ik daar al een paar jaar mee bezig en besprak dat ook met mijn familie. Bijvoorbeeld wat voor soort huis en woonplaats voor mij geschikt zou kunnen zijn zodat ik misschien ook aan mijn gezondheid zou kunnen werken.

De financieel deskundige
Meerdere familieleden van mij hebben hetzelfde accountantskantoor. Ik doe zelf mijn belastingaangifte, en ik ben geen klant van dat accountantskantoor.

In het verleden verliep het contact tussen dat accountantskantoor en mij al niet zo vlot.
Enkele jaren eerder had ik een vraag aan hen gesteld, aan accountant T11.. Mijn vraag was dat als ik in de bijstand zou komen, of ik dan de bijstand terug zou moeten betalen als mijn moeder zou overlijden.
Ik kreeg daar geen serieus antwoord op. Na wat aandringen kreeg ik een brief die was ondertekend door M14., maar dat was een algemeen antwoord, niet over mijn situatie.
thumbnail
Pas toen ik liet merken dat ik bekend ben met de wettelijke regels, en na drie keer vragen, toen kreeg ik eindelijk antwoord.

In 2015 liep het contact ook niet zo vlot, dat kwam mede door de familieproblemen. Als mijn familie een vraag stelde, dan zat ik vele weken te wachten op antwoord. En toen bleek dat mijn familie niet de vraag had gesteld wat ik graag wilde weten, toen stelde mijn familie een andere vraag, en weer zat ik vele weken te wachten, en weer was het niet wat ik wilde weten.

Ik dacht dat er een mogelijkheid zou zijn dat mijn familie een huis zou kopen, en ik het vervolgens van mijn familie zou huren. Als dat huis geschikt zou zijn om bijvoorbeeld twee kamers aan anderen te verhuren, dan zou het financieel misschien goed haalbaar zijn.
Daar zou nog heel wat voor nodig zijn. Misschien zou iemand een hypotheek moeten nemen, en misschien was daar ook geld voor nodig van mijn familielid zelf (waarvoor ik dan zou wegvluchten door te verhuizen).
In februari 2015 kwam ik er achter dat mijn familie tegen financieel deskundige B27. mij afschilderde als iemand die maar moeilijk zit te doen en dat mijn familie niet eens bereid was om serieus naar die mogelijkheid te kijken.
Op 21 april 2015 spreek ik zelf met financieel deskundige B27..
Mijn familie zou geld kunnen vrijmaken, maar voor een koophuis was er dan nog zo'n 50.000 euro tekort.
Tijdens dat gesprek raakte financieel deskundige B27. zelfs wat van streek door onze familieproblem. Hij ging bijvoorbeeld dingen zeggen dat ik van een netto uitkering van 900 euro per maand niet in een (afbetaald) koophuis zou kunnen wonen, en dat ik misschien wel 500 euro per maand stookkosten zou hebben.
Achteraf ging mijn familie mij alsnog bij de financieel deskundige B27. flink belachelijk zitten maken. De financieel deskundige B27. gaat er vervolgens van uit dat mijn familie geen geld voor mij wil vrij maken, en hij negeert wat ik met hem had besproken.
De financieel deskundige zet vervolgens zijn plan door dat hij oorspronkelijk opstelde, en wat financieel het beste zou zijn. Volgens financieel deskundige B27. is iets anders niet mogelijk.
Dat is echter niet juist. Natuurlijk is iets anders mogelijk, alleen past dat niet in het plan van de financieel deskundige.
Toen mijn vader overleed, heb ik afstand gedaan mijn erfdeel, zodat mijn moeder over dat geld kon beschikken en in haar huis kon blijven wonen.
Volgens het oorspronkelijke plan van de financieel deskundige, zou ik nu dat geld wel gaan bezitten, terwijl ik het niet kan gebruiken. Dat betekent dat eventuele huursubsidie voor mij zou vervallen (als ik een huis zou gaan huren), en dat ik het ook niet kan gebruiken voor een koophuis. Voor een koophuis is dat erfdeel overigens nog te weinig, dus er zou nog meer geregeld moeten worden. Maar dat is nu juist waarover ik met de financieel deskundige over zou willen praten.

Op 19 mei 2015 belde ik naar een collega van financieel deskundige B27., naar financieel deskundige M14.. Ik vertelde over de familieproblemen en mijn situatie. Hij zou kijken wat hij zou kunnen doen.
Er werd afgesproken om bij elkaar te komen om het te bespreken.

Op dat moment wist ik niet dat financieel deskundige M14. de leiding had van het kantoor en ook de enige eigenaar is. Ik wist ook niet dat hij het heel druk heeft, en dat hij onvoldoende tijd er aan wilde besteden om iets voor mij te regelen.

Op 27 mei 2015 kwamen wij bij elkaar. Allebei de financieel deskundigen, B27. en M14. waren er bij, en ook mijn familielid. Mijn familielid had ik toen een jaar niet gezien, omdat ik mijn familielid probeerde te ontwijken om het oplopen van de angsten en boosheid van mijn familielid te voorkomen.
De financieel deskundige M14. deed het woord. Hij vertelde dat uiteindelijk mijn moeder zou beslissen wat er financieel geregeld zou worden.
Als dat zo zou zijn, dat zou hij zich neutraal moeten opstellen en de mogelijkheden aan mijn moeder kunnen voorleggen. Dat is echter niet hoe het ging, want M14. was teveel bezig om zijn eigen opvattingen te benadrukken.
Volgens hem was het de wens van mijn vader dat mijn moeder financieel niets tekort zou komen. Zo was dat in het testament vastgelegd (mijn vader is in 1993 overleden).
Volgens mij is dat testament opgesteld in 1990. Ik werkte toen nog hele dagen, en er was nog geen sprake van problemen binnen onze familie. Intussen is de situatie heel anders. Mijn vader had vanzelfsprekend het beste voor met iedereen. Het zou nooit de wil van mijn vader zijn dat zijn nabestaanden dagelijks in ellende zouden zitten. Dat nu de financieel deskundige M14. aan mij probeert duidelijk te maken wat de wens van mijn vader zou zijn vind ik op z'n minst erg raar.
Het is vanzelfsprekend niet de wens van mijn vader dat ik een groot deel van dag bezig zou zijn om te proberen niet radeloos te worden. Het is natuurlijk ook zeker niet de wens van mijn vader dat mijn moeder dagelijks geconfronteerd zou worden met deze familieproblemen.
Financieel deskundige M14. wekt de indruk alsof mijn vader wilde dat mijn moeder niets tekort zou komen, en dat ten koste van zijn kinderen mogen gaan. Volgens mij gebruikt financieel deskundige M14. mijn overleden vader om zijn eigen iedeëen er door te drukken ten koste van mij.
Ik stelde onder andere voor dat mijn moeder mij een huis zou geven, en als mijn moeder geld nodig had dat ik het huis dan zou verkopen en weer terug bij mijn moeder zou gaan wonen. Al was het maar voor een paar maanden, dan zou ik een paar maanden rust hebben, terwijl ik nu dagelijks met de familieproblemen zit.
Financieel deskundige M14. ging op mij in zitten praten dat het geen goed idee was.
Er bleek nog minder geld voor mij vrij gemaakt te kunnen worden dan ik dacht. Mijn mogelijkheden om weg te vluchten voor mijn familielid zijn: een koophuis zonder garage en te klein voor mijn bedden, of een huurhuis waar ik jaren op zou moeten wachten. Dat is beide voor mij geen goede optie.
Tijdens dat gesprek maakte mijn familielid wel een paar vervelende opmerkingen, maar hield zich verder in. Vanzelfsprekend heb ik geen enkele vervelende opmerking richting mijn familielid gemaakt. Achteraf ging mijn familielid tegen anderen kwaad van mij spreken. Mijn familielid probeerde zelfs tegen te werken dat ik zou kunnen verhuizen, omdat mijn familielid dacht dat er ergens geschikte huurhuizen voor mij zouden zijn, maar mijn familielid wilde niet dat iemand dat tegen mij zou vertellen.
Dat ik probeer te verhuizen om weg te vluchten voor mijn familielid, dat lijkt mijn familielid niet te begrijpen.

Achteraf blijkt het moment dat financieel deskundige M14. mij tegen ging spreken van groot belang te zijn. Ik zag namelijk een mogelijk om in de buurt van een goede osteopaat te gaan wonen. Dat zou het voor mij gemakkelijker maken om aan mijn gezondheid te werken.
Financieel deskundige M14. ging dat echter tegenspreken, en mijn familie neemt al te gemakkelijk aan wat hij zei.
Daardoor werd dat niet serieus genomen, en daardoor bleek er voor mij geen mogelijkheid te zijn in de buurt van de osteopaat een min of meer geschikte woning te kopen of te huren. Ik vond wel een huurhuis in mijn eigen woonplaats. Dat is echter op 28 km afstand van die osteopaat, en die afstand is voor mij een groot probleem omdat ik (nog) geen goede ondersteuning voor mijn hoofd heb die ik in de auto als passagier zou kunnen dragen.
Dat financieel deskundige M14. mij ging tegenpraten heeft dus waarschijnlijk een zeer grote invloed op de rest van mijn leven. Ik neem dat hem dan ook heel erg kwalijk. In een bepaald opzicht gebruikt hij zelfs mijn overleden vader om mij tegen te werken.

Een aantal maanden later is financieel deskundige B27. ergens anders gaan werken.

Er werd een financieel plan opgesteld.
thumbnail thumbnail thumbnail

Dat financiële plan is voordelig voor anderen, maar het zou voor mij echter nadelig kunnen zijn. Toen ik daar vragen over stelde, antwoordde financieel deskundige M14. dat ik daarvoor bij mijn familie moest zijn. Mijn moeder ging er zelfs over nadenken hoe de eventuele nadelen voor mij opgevangen zou kunnen worden. Maar mijn moeder had nu juist de opdracht gegeven om iets te regelen, dus het was de taak van de financieel deskundige om iets te regelen waar iedereen het mee eens zou kunnen zijn.
Dat financiële plan heb ik niet ondertekend.

Verhuizing
Er kwam een huurhuis vrij in mijn woonplaats, dat een beetje geschikt voor mij zou kunnen zijn. De huurprijs was voor mij eigenlijk 100 euro per maand te hoog.
Ik heb wel huursubsidie aangevraagd, maar waarschijnlijk heeft de financieel deskundige van mijn moeder het zo geregeld, dat ik zelf mijn huursubsidie betaal van de eventuele toekomstige erfenis van mijn moeder. Ik weet dat echter niet zeker, omdat ik niet weet hoe de financieel deskundige het geregeld heeft.
Er zat helaas geen garage bij. Het was wel mogelijk om twee van mijn bedden in de woonkamer te zetten. Dat maakte het mogelijk om een soort leefruimte te maken, waarbij ik alleen de keuken en de woonkamer hoef te verwarmen. Het huis is goed geïsoleerd, dus de kosten voor de verwarming zouden laag kunnen blijven.
Ik kon zelf weinig doen, dus moest ik alles laten doen. De verhuizing werd daardoor duur.
Dat het een huurhuis is, maakt het voor mij lastig om dingen aan te passen aan mijn lengte en mijn nek- en rugproblemen. Nu moest ik er rekening mee houden dat ik het later in dezelfde staat weer zou terug kunnen brengen. Er mogen zelfs geen lijmresten op de vloer en trap achter blijven.

Voor mijn verhuizing probeerde ik zelf het grootste deel van de dozen in te pakken. Dat was vanzelfsprekend erg nadelig voor mijn nekklachten. Dat deed ik omdat enkele spullen heel belangrijk voor mijn gezondheid zijn, en ik ook veel spullen had die nauwelijks of geen waarde hebben.
De kasten ging ik voor iets anders gebruiken, dus ik kon ook niet tegen een verhuizer zeggen om alles op dezelfde manier te verhuizen en de inhoud op dezelde manier terug te doen.
In het verleden deed ik soms twee dagen achter elkaar iets te veel, en daarna kon ik twee dagen nauwelijks iets doen. Na mijn verhuizing is het zo dat als ik iets teveel doe, dat ik daarna soms vier dagen weinig kan doen.

Na mijn verhuizing komt mijn moeder steeds meer onder invloed van mijn familielid, en mijn moeder gaat steeds meer de slechte dingen geloven die mijn familielid zich heeft ingebeeld en keer op keer tegen mijn moeder verteld.

Mijn familielid ging ook verdere familieleden tegen mij opzetten met leugens. Voor een deel kwam dat doordat ik bij mijn verhuizing aan sommigen had geschreven dat ik ging verhuizen om weg te vluchten voor mijn familielid. Sommige verdere familieleden gingen toen bij mijn familielid informeren wat er aan de hand was.
Er is een reden dat ik had geschreven dat ik verhuisde om weg te vluchten voor mijn familielid. Ik wilde niet dat anderen zouden denken dat ik mijn 86-jarige moeder zomaar ik de steek zou laten.

Toen ik bij mijn moeder woonde, toen probeerde ik mijn moeder af te schermen voor slechte mensen. Bijvoorbeeld oplichters aan de deur of aan de telefoon. Dat lukte vrij aardig. Ik heb één keer een abonnement af moet zeggen dat een oplichter via de telefoon had gedaan, terwijl mijn moeder duidelijk had gezegd dat ze geen abonnement wilde.
Na mijn verhuizing kan ik dat helaas niet meer doen.

2016

Nadat ik 5 maanden verhuisd was, sprak ik mijn familielid. Dat ik al die tijd buiten beeld was, heeft blijkbaar geen rust gebracht. De emoties (vooral boosheid naar mij toe) van mijn familielid waren weer sterker geworden. Mijn familielid deed erg onvriendelijk, maakte mij verwijten, probeerde ruzie te zoeken en hoorde dingen die ik niet had gezegd.

Toen ik nog bij mijn moeder woonde (ik huurde twee kamers van de bovenverdieping) ging ik altijd beneden kijken als ik iets hoorde dat ik niet vertrouwde, om te kijken of mijn moeder misschien gevallen was.
Na mijn verhuizing heeft mijn moeder gelukkig een persoonlijk alarm aangeschaft, dat verbonden is met een centrale.
Mijn vader is in 1993 overleden en zijn geboortedag is de schrikkeldag 29 februari. Die dag komt dus maar één keer in de vier jaar voor. In 2016 was dat op een maandag. De zondag daarvoor was ik op bezoek bij mijn moeder, en ik heb middageten meegegeten. Het viel mij op dat mijn moeder zich meer onzeker bewoog dan anders. In zo'n situatie zeg ik dan wel eens tegen mijn moeder om voorzichtiger te zijn. Ik moet zelf namelijk al vanaf 1992 opletten hoe ik me beweeg en wat ik doe, om mijn nek te ontlasten. Op dat moment viel het mij wel op dat mijn moeder zich meer onzeker bewoog, maar ik heb er helaas niets van gezegd.
Omdat ik was verhuisd om weg te vluchten voor mijn familielid en omdat 's middags mijn familielid langs zou komen, ben ik naar huis gegaan.
Nadat later die dag mijn familielid was vertrokken is mijn moeder om een uur of zes gevallen en heeft haar heup gebroken. Zij gebruikte haar alarm, maar toch duurde het meer dan een half uur voordat er iemand kwam.
Als ik nog bij mijn moeder had gewoond, dan had zij niet een half uur hoeven te liggen met een gebroken heup. Ik denk zelfs dat ik misschien had kunnen voorkomen dat mijn moeder zou vallen. Misschien was mijn moeder dan op een ander moment gevallen, maar die dag had ik dat misschien kunnen voorkomen.
Mijn moeder heeft bij elkaar drie maanden in een ziekenhuis en verzorgingshuis gezeten. Daarna ging zij terug naar haar eigen huis. Dat was de eerste weken erg moeilijk, maar mijn moeder herstelde een beetje zodat zij gelukkig toch in haar eigen huis kon blijven wonen.

In 2016 besteed ik mijn beste momenten er aan om bij mijn moeder langs te gaan. Dat is ongeveer 1 of 2 keer per week.

Nadat ik een jaar verhuisd was, waren de emoties van mijn familielid er niet minder op geworden. Mijn familielid kon ook zo maar boos worden op mijn moeder, dus ook zonder dat ik er iets mee te maken had.

Laatste wijziging van deze bladzijde: november 2016